Zelf Indonesische pindasaus maken is niet moeilijk. Het is een heerlijke smaakmaker voor bij heel veel gerechten. Van nasi en bami tot sate, groenten en zelfs gehaktballetjes.
1 el. sambal oelek of sambal badjak(meer of minder mag)
2 volle eetlepels pindakaas (ca. gram)
200 ml dikke kokosmelk
4 el. sojasaus
1 el. palm suiker (of bruine basterdsuiker)
1 el. limoensap (optioneel)
scheutje KOUD water, om te verdunnen
Toppings (naar wens):
gebakken uitjes
seroendeng (mix van pinda en kokos)
verse korianderblad
bosui, in ringen,
Instructions
Verwarm een steelpannetje op middelmatig vuur. Voeg de olie toe en bak hierin de knoflook en gember lichtbruin. Roer dan de sambal er door en bak eventjes mee.
Voeg dan de pindakaas, kokosmelk, sojasaus, suiker en limoensap toe en gebruik een garde om alles rustig en goed door elkaar te mengen en verwarmen gedurende een paar minuten.
Vind je de saus te dik? Verlaag dan het vuur en schenk hier in heel kleine beetje koud water bij, terwijl je zachtjes roert in de hete saus.
Zodra de saus mooi gebonden is serveer je deze over je gerecht of stop in een separaat kommetje als bijgerecht. Bestrooi met een of meer van de genoemde toppings en serveer direct.
Eet smakelijk!
Notes
Is je saus geschift? Dan stond wellicht het vuur te hoog. Zet het vuur uit, voeg een klein beetje koud water toe en klop heel hard en stevig je saus met garde door tot het weer mooi glad gebonden is.
Wist je dat je pindasaus ook kunt invriezen? Wel even goed laten afkoelen na bereiding en in een luchtdicht bakje of ziplockzakje stoppen en liggend laten opvriezen.